vrijdag 5 maart 2010

Een pakje peuken

“Ik had laatst een potje nodig om geld in te stoppen.”


“Oh ja?”


“Ja, mijn broertje woont sinds kort bij mij, omdat hij nog geen kamer heeft in Amsterdam en nog een beetje te jong is om op zichzelf te wonen, dus ik krijg geld van mijn lieve moeder om daarvan boodschappen te doen.”


“Uhu”


“En aangezien mijn broertje nog geen studiefinanciering krijgt voor zijn ambachtelijke studentenleven, leek me dat niet meer dan terecht. In ieder geval toen ging ik even rond kijken op mijn kamer of ik iets geschikts kon vinden.”


“Maar?”


“Nou, in eerste instantie kon ik niet echt iets goeds vinden, totdat ik op mijn bureau keek en daar stond een afsluitbaar glazen potje er zaten alleen peuken van sigaretten in. Veels te oude peuken overigens, ik had ze er allang uit moeten flikkeren en dat ding om moeten spoelen, maarja.”


“Dus toen heb je verder gezocht naar iets anders?”


“Nee, nee, ik heb die peuken er uit gehaald en het geld er gewoon in gestopt.”


“Vind je dat niet een beetje smerig? Dat je geld naar peuken stinkt?”


“Ik weet niet zo goed wat ik er van moet vinden, maar het punt is dat het feit dat dat boodschappengeld naar peuken stinkt me heeft geholpen. Op een indirecte manier weliswaar.”


“Hoezo dat dan?”


“Nou, ik had mijn broertje om een pakje peuken gestuurd in de supermarkt en ik dacht dat ze daar wel zouden geloven dat hij oud genoeg was.”


“Niet dus?”


“Nee, ze vroegen om zijn ID, die hij slim genoeg ‘was vergeten’, máár zei hij: “ik rook zo veel dat zelfs mijn portemonee naar rook stinkt, het gaat praktisch door al mijn kleren en het leer van mijn portemonnee heen.”


“Zei hij dat echt?”


“Ja, in ieder geval wel iets in die trant.”


“En toen?”


“Toen haalde hij een briefje van tien euro uit zijn portemonee die eerst in het potje had gezeten en hield het onder de neus van het meisje dat achter de sigarettenbalie stond, die haar neus afwende en hem snel een pakje sigaretten gaf.”


“Echt waar?”


“Nee, natuurlijk niet.”

dinsdag 2 maart 2010

Verjaardag

Vandaag is mijn verjaardag zoals jullie allen ongetwijfeld weten en ik wil jullie dan ook even delen in mijn gemaakte vreugde. Op een dag als deze ben ik er niet constant van bewust dat ik weer een jaartje ouder ben geworden, een onvermijdelijk proces, waar de meesten niet op zitten te wachten. De momenten dat ik me er wel van bewust was, voelde ik me wel even speciaal, maar niet omdat ik een stap dichter bij de dood ben. Ik was om een andere reden blij. Ik was blij omdat ik mezelf ben en andere mensen zijn dat niet. Tegelijkertijd waren er samen met mij, ongetwijfeld ook mensen jarig, maar dat deed geen afbreuk aan mijn individuele besef. Wellicht dat ik morgen nog steeds dat besef heb en dan voel ik me in dat opzicht ook nog wel een beetje jarig, maar misschien nog wel meer. Ik ben dan namelijk al één hele dag tweeëntwintig geweest.

Verder moet je niet denken dat dit stukje tekst nog naar een bepaald moraal gaat toe werken, want dat gaat het waarschijnlijk niet. Ik heb vandaag een review voor school moet schrijven en ik had er even behoefte aan om even iets voor mezelf te schrijven. Ik kan het beter iets anders verwoorden, ik wilde even iets voor mezelf over mezelf schrijven. Ik hou er van om andere mensen verbaal op te hemelen, maar als het eenmaal op tekst aan komt dan is er maar één iemand die ik kan op hemelen en anderen kan ik alleen maar afbranden. Wat mijns inziens ook heel logisch is, want ik wil geen tekst schrijven die je niet kunt vast houden omdat 'ie uit je handen glijdt door al het geslijm op de pagina.

Ik weet niet in hoeverre bovenstaande paragraaf nog met mijn initiële inslag te maken heeft. Ik zou niet kunnen verklaren waarom jarig zijn leuk is, vorig jaar wist ik het nog wel, maar dit jaar is het me volledig ontgaan. Het was een dag als alle anderen, waarmee ik overigens niet wil zeggen dat ik daar geen genoegen mee neem. Integendeel, ik had het niet graag willen ruilen. Anders was me de kans ontnomen om bakken met informatie tot me te nemen en mezelf een bepaald gevoel van voldoening te geven die ik werkelijk waar bijna iedere dag nodig heb. Dat is natuurlijk ook niet helemaal waar, aangezien ik ook wel eens drie maanden in een winkel heb gestaan terwijl ik uit mijn neus aan het vreten was. Aldaar heb ik de beperkte impressies en observaties die nader tot me kwamen om weten te toveren in teksten die ik nu nog met een grote glimlach kan aanschouwen. Ik neem aan dat dat in de toekomst niet veel zal veranderen.

Ten slotte denk ik toch dat je op je verjaardag een beetje nadenkt over de koers van je leven en misschien over de zin er van. Je wordt er lichtjes nostalgisch van misschien, maar je moet niet vergeten om op je verjaardag te leven en irritant te doen tegen mensen, want je moet je hobby's blijven bedrijven. Je moet je drijfveer dag in en dag uit blijven aandraaien, zodat je de dag daarna nog hoger kunt springen. Eerlijk toegegeven heb ik dat dit jaar geleerd. Het was het goorste kutjaar uit mijn leven, ik ben gestopt met de docentenopleiding, heb een relatiecrisis gehad, wist niet meer wat ik moest doen en daarbovenop kwam nog een kortstondige crisis waarin ik mezelf afvroeg of het misschien allemaal niet aan mij lag. En natuurlijk, het ligt ook allemaal aan mij, maar dat betekent niet dat ik niet voor mezelf zal blijven kiezen. Had ik dat in het verleden niet gedaan, dan was ik nu waarschijnlijk die kleine hoeveelheid mannelijkheid die me nog rest kwijt.

Laat ik dan toch besluiten met een positieve noot, want ik kan het jullie niet aan doen om jullie onder te dompelen in mijn wrok jegens de wereld, liever houd ik jullie een façade voor waarin alles goed is en alles goed af loopt. Of niet af loopt, want een einde is misschien ook een beetje naar. Sorry, het gaat niet lukken, de positieve noot is er gisteravond rond twaalf uur uitgevlogen en zal hopelijk morgen weer terug komen. Welterusten.

maandag 1 maart 2010

De evaluatie

Aangezien ik nog weinig inhoudelijke reacties heb gehad op mijn werk, wat ik natuurlijk wel verwachtte, ondanks dat niemand mijn stinkende kut-blog leest, heb ik besloten om zelf maar een korte evaluatie te maken van mijn tekstuele experiment. Daar ik er niet in geslaagd ben om iets choquerends op papier te zetten, moet ik concluderen dat ik mijn lezers niet van te voren moet waarschuwen over mijn potentiële concepten of ideeën. Het concept was sowieso eenmalig, maar ik had beter het concept van te voren uitgewerkt, alvorens het openbaar te maken. Dan had ik het van te voren door mijn censuur heen kunnen gooien en elke mogelijke kans op een afgang, of gezichtsverlies kunnen vermijden. Iedereen houdt immers van veiligheid en waarom zou ik me daar niet aan conformeren.

Ik wil overigens nog een korte opmerking maken over een korte opmerking die ik laatst kreeg. Naaktfoto's van mijn zus zijn niet tekstueel, wat deze blog wel pretendeert te zijn. Ten tweede zouden dergelijke foto's allerminst choquerend zijn, maar erg opwindend voor mensen die geen bloedverwant zijn van voorgenoemde. Mijzelf incluis.

Tot slot hoop ik dat jullie niet geschrokken van mijn clichébom, want door de inhoud zou ik me allerminst verontwaardigd voelen. Ik ga geen excuses voor mezelf maken en ik ga het bericht ook zeker niet van mijn blog af halen. Als iemand me ooit uit wilt maken voor een slecht schrijver, grijp dan je kans door uit die tekst te quoteren, want andere handvatten voor gegrond kritiek zal ik je zo veel mogelijk vermijden te geven.